Defensie stoot 53 voormalig militaire terreinen af. De Dienst Landelijk Gebied (DLG) en het Rijksvastgoed- en ontwikkelingsbedrijf (voorheen Domeinen) kregen de opdracht van het ministerie van LNV hieraan een nieuwe bestemming te geven. Naast de ruimtelijke en milieu aspecten ligt er ook een financiële opgave. De herbestemming van de terreinen moet kosten neutraal zijn.
Mobiliseren van eenheden
Het mobilisatiecomplex (MOB-complex) Alverna is een terrein van 20 hectare gelegen in de gemeente Wijchen nabij Nijmegen. Deze MOB complexen hadden als functie het opslaan van goederen en geschut voor de te mobiliseren eenheden. Kenmerkend voor het terrein Alverna zijn de brede wegen en de ruime opzet van werkterreinen bij magazijnen. Er is een tankbaan met keerlussen waar de gestationeerde rupsvoertuigen regelmatig testritten op uitvoerden (zie Deel II: Terug naar de basis).
Nu is het een verlaten terrein, midden in een Ecologische Hoofdstructuur waar bos en heide elkaar afwisselen. Er zijn vleermuizen en een das heeft hier zijn burcht gebouwd. De zware bosrand heeft zeer oude vegetatie. Een heel bijzonder stukje landschap dat nu dus een gepaste herbestemming moet krijgen.
Gebiedsontwikkeling en C2C
“Op een vergelijkbaar terrein in Brabant heeft de Provincie besloten alleen de natuur haar gang te laten gaan en kosten daarvan uit een andere pot te financieren. Zo’n gebied wordt dan gesaneerd en vervolgens worden afspraken gemaakt wie het beheer uitvoert," zegt Leon Claassen, milieudeskundige bij DGL.
Claassen stelde voor om bij de inmiddels al in gang gezette gebiedsontwikkeling van Alverna gebruik te maken van de principes uit het Cradle to Cradle (C2C) concept. (Zie ook: Deel II)
Claassen: "Daarmee is in Nederland al op diverse plaatsen geëxperimenteerd. Het gebied leent zich uitstekend voor C2C omdat er een verbinding is tussen gebiedsniveau, planniveau, projectniveau en gebouwniveau. Daarmee is het sluiten van kringlopen mogelijk."
"Maar het gebied ligt in de ecologische hoofdstructuur. Er gelden dan strenge regels voor de ontwikkeling van andere functies binnen aanwezige of de nog te ontwikkelen natuur. Het nee, tenzij principe." Er mag daarbij geen schade worden aangebracht aan beschermde dieren en planten.
DLG betrok alle relevante partijen bij de ontwikkeling van de nieuwe concepten.
Birgit van der Veken: "In de zogenaamde Schetsschuit sessies kregen alle partijen de kans hun invulling aan het gebied te geven. Ook elkaars rol in het geheel werd nagespeeld. Dit doen we wel vaker , maar nu was de nadrukkelijke boodschap in de uitwerking van de schetsschuit te denken in de C2C filosofie."
Alle wensen en eisen zijn over elkaar heen gelegd en zorgvuldig afgewogen. Het resulteerde in een concept waarbij er met een minimale bebouwing voldoende kwaliteit voor de natuur behouden blijft.
Lees het hele artikel verder op DuurzaamGebouwd.nl
- MOB Alverna hanteert Cradle to Cradle-principes (Deel I)
- MOB Alverna hanteert Cradle to Cradle-principes (Deel II)
