Door afvalwater als energiebron te gebruiken kan een waterschap niet alleen zelfvoorzienend worden in zijn energiebehoefte, maar uiteindelijk ook als leverancier gaan optreden. De jury was unaniem in haar oordeel dat de Energiefabriek een fantastisch voorstel is dat morgen ingevoerd kan worden.
Waar staan waterschappen over vijf jaar? Wat is dan hun primaire taak en rol in Nederland? Door vertegenwoordigers van alle waterschappen is daar de afgelopen tijd intensief over nagedacht in het project WaterWegen in opdracht van de UvW. Binnen elk waterschap zijn jonge honden gezocht die out of the box durfden te denken. Zij kregen de opdracht: verzin één of meerdere projecten waarmee je waterschappen klaar voor de toekomst maakt. Binnen waterschap Aa en Maas zijn alle wilde, frisse denkers opgeroepen om mee te denken. En met resultaat. Van de drie ingediende voorstellen, werden er twee genomineerd. Binnen de categorie Energie effectiviteit bleek de Energiefabriek favoriet van de jury te zijn en is als beste beoordeeld. Uiteindelijk is de Energiefabriek van waterschap Aa en Maas uitgeroepen tot overkoepelende winnaar van het gehele project.
Met de Energiefabriek creëert waterschap Aa en Maas waterschappen die niet alleen zelfvoorzienend zijn in energieverbruik, maar zelf als energieproducenten voor andere partijen kunnen optreden. Het afvalwater van rioolwaterzuiveringen is een van de bronnen van de energieopwekking. Er zijn vele markten aan te boren. Zodra het geld oplevert, deelt de burger in de winst door ‘het dubbeltje van de dijkgraaf’ terug te ontvangen. Deze band met de burger en het feit dat het project in geheel Nederland zou kunnen worden uitgerold, sprak de jury zeer aan. Ook de samenwerking met andere partijen en het feit dat het voorstel zó goed was uitgewerkt dat het morgen kan worden ingevoerd, waren reden te meer om unaniem de Energiefabriek als grote winnaar te benoemen.
In de jury hadden onder andere de volgende personen zitting: Kees Vriesman (inspirator en boegbeeld in de ruimtelijke ordening), Gerrit-Jan van de Pol (ondernemer op het raakvlak van land en water), Tracy Metz (schrijfster, journaliste, redacteur voor de NRC) en Lodewijk van Nieuwenhuijze (visionair op het gebied van landschapsarchitectuur).
