Go to Content
Go to Navigation

Almere

Dat Almere er 60.000 woningen bijbouwt, zodat het aantal inwoners van de stad groeit van 185.000 naar 350.000, is een hele uitdaging. Dat deze zogenoemde schaalsprong volgens het duurzaamheidsconcept ‘Cradle to Cradle’ moet geschieden, is regelrecht uniek, en vooralsnog een gecompliceerde wensdroom.

Gemeente Almere - LogoOm aan de uitbreidings- en ontwikkelingseisen van de noordelijke Randstad te voldoen heeft het Rijk samen met Flevoland en Amsterdam aan Almere gevraagd om tot het jaar 2030 60.000 woningen te bouwen. Almere heeft de handschoen opgenomen en is bezig de opdracht in overeenstemming te brengen met de oorspronkelijke opzet van de stad, met reeds bestaande bouwplannen, en met de duurzaamheidswaarden die zij hoog in het vaandel draagt. Medio 2009 moet in detail besloten zijn hoe het megaproject wordt uitgevoerd, want dan zal contractondertekening plaatsvinden tussen Almere en de partners.

Cradle to Cradle

Zeker is dat Almere zich verplicht heeft gesteld zoveel mogelijk volgens de filosofie ‘Cradle to Cradle’ te werken. Cradle to Cradle (Wieg tot Wieg) is een nieuwe visie op duurzaam ontwerpen, bedacht door architect William McDonough en chemicus Michael Braungart. Volgens hen hoeft een product geen afval of een ander, inferieur product te worden. Het kan met denkwerk een hoogwaardiger recycleproduct worden, of dienen als schone grondstof voor natuur of nieuwe producten. Een kwestie van het sluitend maken van stofkringlopen en optimaal gebruikmaken van schone energie. Zo gaat een product niet van wieg naar graf, maar van wieg naar wieg. We hoeven niet langer bezig te zijn met minder vervuilen, maar kunnen werkelijk iets verbeteren, iets toevoegen, en zonder schuldgevoelens groeien. Een treffend praktisch voorbeeld is het door McDonough en Braungart ontwikkelde Cradle to Cradle-ijsje, waarvan het verpakkingspapiertje niet alleen biogisch afbreekbaar is, maar zelfs bijzondere plantenzaden bevat, zodat uit een achteloos weggegooid papiertje mooie bloemen groeien.

De filosofie, die door McDonough en Braungart op planologisch-architectonische schaal al praktisch is uitgewerkt voor bedrijven en overheden in bijvoorbeeld Amerika en China, inspireerde de Almeerse wethouder Ruimtelijke Ordening Adri Duivesteijn. In de Nederlandse documentaire Afval is voedsel; een revolutie in Nederland spreekt Duivesteijn verheugd over het Cradle to Cradle-idee van een toekomst die positief maakbaar is. ‘Allen in het ontwerpproces, inclusief politici,’ zegt Duivesteijn, ‘moeten zich afvragen of ze iets bedenken wat uit zichzelf duurzaam is, wat gezond blijft, ecologisch verantwoord. Cradle to Cradle draagt dat in zich. Er zit ook acceptatie in van groei.’

Almere Principles

Duivesteijn wist McDonough en Michael Braungart te bewegen mee te doen aan de conceptualisering van de Almeerse bouwplannen. Cradle to Cradle is nu de basis van de zeven ‘Almere Principles’, het richtsnoer voor de groei-ontwerpen van Almere dat ondertekend is door Duivesteijn, McDonough en VROM-minister Jacqueline Cramer. De zeven principes zijn, kort opgesomd:

  1. Koester diversiteit;
  2. Verbind plaats en context; 
  3. Combineer stad en natuur; 
  4. Anticipeer op verandering; 
  5. Blijf innoveren; 
  6. Ontwerp gezonde systemen; 
  7. Mensen maken de stad.

Ieder principe wordt begeleid door een Cradle to Cradle-tekst van McDonough. Zo staat er bij principe 6 onder meer: ‘Zou het niet fantastisch zijn als we geen schuldgevoelens zouden hebben over de industrie, maar er trots op kunnen zijn? Als nieuwe gebouwen lijken op bomen en zorgen voor schaduw, voor een leefgebied voor zangvogels, voor voedsel, voor energie en voor schoon water?’ Niemand zal ontkennen dat dit inderdaad fantastisch zou zijn. Maar veel vragen dienen zich aan, zoals ‘Hoe slaat dit praktisch op Almere?’, ‘Zijn er geen grenzen aan groei, ook al is die nog zo Cradle to Cradle?’, ‘Wat mag het kosten?’ en ‘Hoe maakt men Cradle to Cradle-wegen, -bruggen, -parkbankjes en -dakpannen?’

Masterplan Almere Pampus

Het veelzijdige Masterplan Almere Pampus is een goede plek om wat antwoorden te vinden, omdat het symbool staat voor de grote ambities van Almere en het Rijk. Plannen voor een toekomstig Almere Pampus richten zich op twee mogelijkheden. In de ene variant blijft de uitbreiding binnendijks en beperkt het nieuwe aantal woningen zich tot 20.000; in dit geval zal Almere Oost 40.000 woningen moeten opleveren. In de andere, ambitieuze variant, groeit Almere het IJmeer in; een nieuwe waterstad van 40.000 woningen vormt zich, met een directe verbinding aan Amsterdam, en Almere Oost hoeft ‘slechts’ 20.000 huizen te leveren.

Robert Leferink, projectdirecteur Almere Pampus: ‘In hoeverre plannen Cradle to Cradle zijn, dus verregaand duurzaam, bepaalt mede de richting bij de eindkeuze medio 2009. Recent onderzoek door provincies en Rijk heeft uitgewezen dat bouwen en recreëren hand in hand kan gaan met de ontwikkeling van een duurzaam ecologisch systeem in het IJmeer en het Markermeer. Door intelligente natuurontwikkeling kunnen de tamelijk armoedige natuurwaarden van het Markermeer zelfs verrijkt worden. Soorten op de lijst van beschermde dieren worden dan veiliggesteld en de biodiversiteit wordt vergroot. Dat is Cradle to Cradle. Het zal een lieve duit kosten, en wie wat betaalt is nog niet duidelijk, maar de ecologische studies tonen aan dat het mogelijk is. We vinden dit een interessante optie waarop we gaan inzoomen. Natuurlijk zijn er ook discussies over de noodzaak van een wellicht aan te leggen nieuwe OV-verbinding met Amsterdam. Die zal in ieder geval mensen moeten stimuleren om meer met het openbaar vervoer te gaan, zodat de duurzaamheid vergroot wordt. Gebouwd moet er toch worden in de Randstad, dat heeft het Rijk besloten; dan kan het net zo goed optimaal duurzaam in Almere gebeuren. En nee, we weten nog niet hoe we Cradle to Cradle-dakpannen moet vervaardigen; dat zal na de beslissingen door experts onderzocht moeten worden.’

Adri Duivestein

De grootste uitdaging nu voor de Almeerse stadsontwikkeling op Cradle to Cradle-wijze is, in welke richting die ook gaat, alle partijen te doordringen of ervan doordrongen te houden Cradle to Cradle als basis in alle ontwerpen te betrekken. Dat is een formidabele klus op zich, want er zijn heel veel partijen, met wisselende doelen en reikwijdte. Er zijn bijvoorbeeld meerdere gemeentes, woningcorporaties, provincies, milieuorganisaties en ministeries betrokken, maar ook Europa heeft invloed via Europese Richtlijnen en het belang van het Europese natuurgebiedennetwerk Natura 2000. Robert Leferink beaamt dat de omvang van het web van overleg enorm is, maar wijst op een verbindend persoon als Adri Duivesteijn. Duivesteijn neemt deel aan meerdere relevante overlegplatforms tegelijk en bewaakt daarmee het overzicht en de Cradle to Cradle-doelen. Dit soort intensief voorwerk hoort ook bij Cradle to Cradle. Braungart en McDonough schrijven daarover in hun boek Cradle to Cradle: ‘De transformatie naar een eco-effectieve visie gebeurt niet in een keer en gaat met vallen en opstaan. Er moet in allerlei richtingen veel tijd, inspanning, geld en creativiteit in gestoken worden.’

Go to Content
Webdesign Hedgehog Creations
Go to Top