Go to Content
Go to Navigation

Van Gansewinkel

Bij AVR-Van Gansewinkel, de combinatie van afvalverwerker AVR met afvaldienstverlener Van Gansewinkel, werken ruim 6.500 mensen verdeeld over acht landen, die samen voor een jaaromzet van 1,2 miljard euro zorgen.

van Gansewinkel - LogoHet bedrijf verzamelt, recyclet en verwerkt afval, en doet dat duurzaam. Die duurzaamheid wordt vertaald naar drie kernbegrippen: klantgerichtheid, mensgerichtheid en maatschappelijke verantwoordelijkheid. Sinds 6 maart 2008 hanteert AVR-Van Gansewinkel nog een vierde kernbegrip: cradle to cradle. Op die datum verbond het bedrijf zich officieel aan het Cradle to Cradle-chemiebedrijf van Michael Braungart.

Afval=Voedsel

De Duitse chemicus Michael Braungart en de Amerikaanse architect William McDonough, zijn de geestelijk vaders van het Cradle to Cradle concept: een nieuwe visie op duurzaam ontwerpen, in Nederland vrij vertaald als Afval=Voedsel. Volgens Braungart en McDonough hoeft een product geen afval, of een ander, inferieur product te worden. Met enig denkwerk kan het dienen als schone grondstof voor de natuur, of veranderen in een ander, hoogwaardiger product. Een kwestie van het sluitend maken van stofkringlopen, én optimaal gebruikmaken van schone energie. Zo gaat een product niet van wieg naar graf, maar van wieg naar wieg. Het cradle-to cradle principe gaat niet uit van minder vervuilend produceren – dat zet namelijk geen zoden aan de dijk. Het gaat erom dat we het milieu door cradle to cradle toepassingen daadwerkelijk verbeteren. Alleen dan kunnen we zonder schuldgevoelens onze productie uitbreiden. Een treffend voorbeeld van die ‘milieu-veredeling’ is het door McDonough en Braungart ontwikkelde Cradle to Cradle-ijsje, waarvan de wikkel niet alleen biologisch afbreekbaar is, maar ook bijzondere plantenzaden bevat. Waar papiertjes achteloos zijn weggegooid schieten straks her en der zeldzame planten uit de grond (van het papiertje geen spoor meer).

Braungart ziet veel in AVR-Van Gansewinkel als Cradle to Cradle-partner. Niet alleen beschikt het bedrijf over een enorme expertise op het gebied van recycling, in termen van logistiek en capaciteit beslaat het ook nog eens een groot areaal in Europa. Daarnaast heeft het bedrijf volgens Braungart veel materiaalkennis in huis, waarmee producenten hun voordeel kunnen doen.

Cradle to Cradle-glas

Voor AVR-Van Gansewinkel is Cradle to Cradle-productie een logische stap. Marketingdirecteur Lieve Declercq noemt AVR-Van Gansewinkel zelfs al een grondstoffenbedrijf in plaats van een recyclebedrijf. Bij het inzamelen, scheiden en hersmelten van glas is het bedrijf in cradle to cradle termen volgens haar een heel eind op de goede weg. Recycling van glas voorkomt dat het biologisch niet-afbreekbare glas op de afvalberg terechtkomt - dat scheelt ruimte. Daarnaast bespaart hergebruik van glas nieuwe grondstoffen en komen bij de omsmelting ervan geen giftige stoffen vrij, wat bij de vervaardiging van nieuw glas wel gebeurt. Ten slotte kost hersmelten veel minder verbrandingsenergie en dat scheelt weer uitstoot van broeikasgas CO2. Niet onbelangrijk vanuit economisch oogpunt: hergebruik is kostenbesparend – ook voor economische groei is ruimte in de Cradle to Cradle-filosofie. Sterker nog, veel cradle to cradle ingrepen leveren uiteindelijk geld op.
AVR-Van Gansewinkel is dus op de goede weg, maar op het gebied van technologische innovatie en samenwerking met andere bedrijfstakken is er volgens Declercq nog veel te winnen: “Op dit moment proberen wij doppen, ringen, ceramiek en allerlei andere dingen die in de glasbak terechtkomen met behulp van slimme techniek al te scheiden van het glas. Helaas komt tien procent van de 420.000 ton glas die we jaarlijks in Nederland inzamelen uiteindelijk toch op de afvalberg terecht omdat het niet lukt om het te scheiden van bijgeleverd afval. Als we met behulp van nieuwe technologie ook die laatste tien procent kunnen schoonmaken, kan al het glas als nieuwe grondstof dienen...

Overleg

Helaas is het contact met andere industrietakken niet altijd even vruchtbaar volgens Declercq. Uit gesprekken blijkt bijvoorbeeld dat de verpakkingsindustrie tot nu toe meer gericht is op het imago dan op de recyclemogelijkheden van een verpakking. Declercq: “Flesetiketten zijn vaak gemaakt van plastic. Sommige van die etiketten krijgen we niet eens los van de fles! De niet afbreekbare materialen die nu nog gebruikt worden om etiketten van te maken, zouden moeten worden vervangen door afbreekbare Cradle to Cradle-materialen. Maar daarvoor is samenwerking tussen verschillende bedrijfstakken nodig.”

Bestuurslid van AVR-Van Gansewinkel Frans Beckers beaamt dit: “Samenwerking is het sleutelwoord bij het verwezenlijken van het Cradle to Cradle principe. Neem autoruiten: in de toekomst krijgen autoruiten toevoegingen zoals folie met intelligente zonwering en misschien zelfs informatiedragers. Wij praten nu met fabrikanten van autoruiten over het recyclebaar maken van die toevoegingen. Een ander voorbeeld is onze samenwerking met minister Cramer van VROM. Zij wil lampen scheiden van huisafval. Wij kunnen dat, omdat we beschikken over de inzamelstructuur en de kennis die nodig zijn voor hergebruik en het afvangen van giftige stoffen. En in verband met de Cradle to Cradle-bouwplannen van Almere en Venlo, heeft VROM ons gevraagd mee te werken aan de ontwikkeling van gifvrij beton uit gerecycled materiaal.”

Cradle to Cradle oppakken

Of het nu over technologische innovatie of samenwerking gaat: aan cradle to cradle-ideeën geen gebrek. Volgens Beckers heeft AVR-Van Gansewinkel wel zestig of zeventig cradle to cradle onderwerpen op de verlanglijst staan: “Dat zijn er te veel ineens, waarschijnlijk voeren we er twaalf tegelijk uit.” Beckers is volledig overtuigd van het belang van cradle to cradle-implementatie: “Als je cradle to cradle als bedrijf over een aantal jaren niet hebt opgepakt, loop je hopeloos achter.”

Naast het internationaal doorvoeren van het hele cradle to cradle-recycleproces heeft AVR-Van Gansewinkel ook een belangrijke rol in de verspreiding van Cradle to Cradle-kennis. Beckers: “De laatste tien jaar worden steeds meer verschillende afvalonderdelen van elkaar gescheiden, waardoor de afvalproblematiek steeds complexer is geworden. Men vraagt ons hierover dan ook steeds vaker om advies. Milieuafdelingen van grote bedrijven zoeken samenwerking. Ook studenten kloppen ineens bij ons aan voor stages en afstudeeropdrachten. Het is een ontwikkeling die volgens mij doorzet. Het zou mooi zijn als je Cradle to Cradle zou kunnen koppelen aan de nationale innovatie van de Nederlandse industrie.”

Go to Content
Webdesign Hedgehog Creations
Go to Top